Rozentips

Tips en verzorging over het planten, bemesten en snoeien van rozen.

Planten

Rozen met een kale wortel kunnen geplant worden tussen oktober en eind april.
Rozen in containerpotten kunnen het hele jaar door geplant worden, mits de grond vorstvrij is.
Rozen groeien in bijna iedere tuin, als de grond maar goed bewerkt is en de noodzakelijke voedingsstoffen bevat. Het omspitten van de grond en het inbrengen van organische meststoffen zoals koemest, gedroogde koemest of compost is goed voor alle grondsoorten. Op lichte zandgrond verteert de organische mest veel sneller dan op zware kleigrond, hier moet men met planten rekening mee houden.

Rozen in pot goed natmaken voordat ze geplant worden. Graaf een plantgat dat ruim groter en dieper is dan de pot waar de roos in geplant is en haal voorzichtig de pot eraf. Plaats de complete wortelkluit op gelijke hoogte met het grondoppervlak en vul het plantgat op met aarde. Aarde goed aandrukken en ruim water geven. Blijf pas geplante potrozen regelmatig water geven. Nooit planten bij extreem hoge temperaturen.

Rozen met een kale wortel kunnen het beste voordat ze geplant worden een paar uur in een emmer met water geplaatst worden. Zorg ervoor dat de grond goed voorbewerkt en vochtig is.Voor het planten de worteleinden iets inkorten. Vervolgens met een goede steekschop een v-vormige sleuf maken waarin de wortels van de roos loodrecht naar beneden geplaatst worden. De oculatie van de roos moet net onder het aardoppervlak geplaatst worden. De aarde stevig aantrappen en goed water geven.

Bemesting

Als u in het najaar rozen plant is het verstandig om de rozen 10-15 cm.aan te heuvelen met aarde of met oude overjarige stalmest.Op deze manier zijn de rozen tegen een eventuele strenge winter beschermd.In het voorjaar deze aarde weer verwijderen. Om uw rozen in de herfst/winter bij te mesten kunt u ook gedroogde koemest nemen. Kijk op de verpakking voor de juiste hoeveelheid. Deze mest is langzaamwerkend.
Vanaf begin april mag er rozenmest gegeven worden. Dit is een actiefwerkende mest. Na de eerste bloeiperiode mag dit herhaald worden. Na half juli mag er geen mest meer gegeven worden, zodat de rozen goed kunnen afrijpen. Verder is het goed om eenmaal per jaar in de herfst kalk en in het voorjaar kieseriet ( = magnesium ) te strooien.

Snoeien

Wie van rozen houdt moet vooral niet te bang zijn om te snoeien. Een regelmatige snoei is belangrijk om uw roos krachtig en gezond te houden.
Des te krachtiger u uw rozen terugsnoeit des te mooier en sterker worden ze en kunt u weer genieten van deze schitterende bloemen !
Na afloop van de vorstperiode ( ongeveer half maart ) moet de belangrijkst snoei gebeuren. Het is van belang dat u hiervoor een scherpe snoeischaar gebruikt.
Snoei al het zwak en dood hout alsook dunne en niet afgerijpte takken compleet weg tot in het levende hout. Ook de wilde scheuten die van onder uit de veredeling groeien weghalen. De gezonde sterke takken laten staan en deze tot ca. 5 cm. boven de grond terugsnoeien.
Grootbloemige-, tros- en miniatuurrozen terugsnoeien tot net boven het tweede buitenoog van onderaf geteld.
Stamrozen worden idem gesnoeid als de grootbloemige- en trosrozen.
Treurstamrozen worden eenmaal in de twee jaar teruggesnoeid.
Botanische- en heesterrozen hoeven in principe niet teruggesnoeid te worden, alleen een verjongingssnoei om de paar jaar is voldoende. Deze rozen bloeien op het oude hout.
Van Klimrozen de hoofdtakken de eerste paar jaren niet terugsnoeien. Wel jaarlijks de zijtakken van hoofdtakken die hebben gebloeid op 5 cm terugsnoeien. Later ter verjonging regelmatig een of enkele oude hoofdtakken tot 15 cm boven te grond terugsnoeien.
Ramblerrozen hoeven helemaal niet gesnoeid te worden, behalve als ze te groot worden en ter verjonging.

Verder is het van belang dat u gedurende het bloeiseizoen uw rozen ook regelmatig terugsnoeit. Wij adviseren om na iedere bloeiperiode uw rozen half terug te snoeien, zo blijft de kracht in de plant en dit bevordert de herbloei.
Eenmaal bloeiende rozen en rozen die geplant zijn voor hun bottels niet snoeien.
Vrijwel alle rozen zijn veredeld op een “vreemde”onderstam ( met uitzondering van rozen op eigen wortel) Vanuit deze onderstam groeien af en toe “wilde scheuten”. Deze wilde scheuten groeien altijd vanonder uit de veredeling en vallen op door hun andere kleur en bladvorm. Deze dienen geheel verwijderd te worden. Dit geldt ook voor stamrozen.

Bladziektes

Bladziektes als sterroetdauw, roest, echte- en valse meeldauw worden vaak veroorzaakt door een ongunstige standplaats, gebrek aan voeding, overbemesting en slechte weersomstandigheden. Bij deze schimmelziektes is het belangrijk dat u afgevallen en aangetast blad verwijdert en zodra de rozen gaan uitlopen in maart/april preventief spuit. Om resistentie te voorkomen regelmatig van middel wisselen. Nooit in de zon ( i.v.m brandschade ) en op nat blad spuiten. Het beste kunt u in de avonduren spuiten.